top
logo


Home >> Samenwonen >> Samenwonen
Samenwonen Print E-mail

Het regelen van geldzaken als u gaat samenwonen

Heeft u plannen om te gaan samenwonen, dan wilt u waarschijnlijk uw geldzaken gaan regelen. Woont u al samen? Dan kunt u uw afspraken met deze informatie wellicht opnieuw bekijken.


In een huishouden moet er heel wat worden betaald: de huur, de boodschappen, het lidmaatschap van een sportclub, de krant en de kapper. Al deze uitgaven moet u op een of andere manier verdelen.

Het is het eenvoudigst om alle inkomsten in één gezamenlijke pot te stoppen en hieruit alles te betalen. Dit gebeurt vooral wanneer een huishouden één inkomen heeft. De meeste mensen kiezen niet voor deze methode; zeker niet als ze net samenwonen. Geldt dat ook voor u, dan spreekt u af dat ieder een bepaald deel van de uitgaven betaalt.

Soorten uitgaven

Er zijn drie soorten uitgaven: de vaste lasten, de huishoudelijke uitgaven en de reserveringsuitgaven. De vaste lasten zijn bijvoorbeeld de huur, verzekeringen en de telefoon. U betaalt ze met een vaste regelmaat. De huishoudelijke uitgaven zijn onder andere voeding en schoonmaakartikelen. Voor de reserveringsuitgaven zet u regelmatig geld opzij: voor kleding, vervanging en reparatie van inventaris en de vakantie.

U hoeft niet alle uitgaven te verdelen. Sommige kosten maakt u namelijk alleen voor uzelf. Voorbeelden zijn kleding, hobby's en sigaretten. Dit zijn de persoonlijke uitgaven, die u zelf betaalt. De huur, de boodschappen en nieuw meubilair zijn kosten die u samen maakt. Dit zijn de gezamenlijke uitgaven. Over de verdeling hiervan maakt u afspraken met uw partner. Let wel op dat beide partners genoeg overhouden voor de persoonlijke uitgaven. Spreek als eerste af wat u persoonlijke uitgaven vindt, en wat gezamenlijke uitgaven.

Een verdeling kunt u op een van de volgende manieren maken:
- de uitgaven verdelen naar verhouding van het inkomen,
- allebei hetzelfde bedrag overhouden,
- allebei de helft van de kosten betalen.

Naar verhouding van het inkomen

Stel dat u 3/5 deel van het inkomen verdient en uw partner 2/5 deel. U betaalt dan 3/5 deel van de gezamenlijke uitgaven en uw partner 2/5 deel.

Hetzelfde bedrag overhouden

Tel beide inkomens bij elkaar op. Van het totaal trekt u alle gezamenlijke uitgaven af. Het bedrag dat overblijft, deelt u door twee. De uitkomst hiervan trekt u af van het inkomen van de partner met het laagste inkomen. Wat overblijft is het bedrag dat hij of zij bijdraagt aan de gezamenlijke uitgaven. De partner met het hoogste inkomen betaalt de rest van de gezamenlijke uitgaven.

Ieder de helft van de kosten

Deze manier is alleen aan te bevelen als de partner met het laagste inkomen voldoende overhoudt voor zijn of haar persoonlijke uitgaven.

Het is het handigst als u een speciale rekening opent voor de gezamenlijke uitgaven. Hierop stort u allebei het afgesproken bedrag voor de gezamenlijke uitgaven.

Een vaste bijdrage

Wanneer uw partner bij u intrekt kunt u ook afspreken dat hij of zij een vaste bijdrage betaalt voor kost en inwoning, kostgeld dus. Dat kan bijvoorbeeld als u
een eigen huis of inwonende kinderen hebt, of wanneer een van u hoge lasten hebt waardoor een verdeling niet redelijk is. Een vaste bijdrage is ook handig als u op proef gaat samenwonen.

Hoe u kostgeld kunt berekenen staat in de Kostgeldkrant van het Nibud. U kunt ook gebruik maken van de online Kostgeldberekenaar op Nibud.nl. Het Nibud vraagt voor het gebruik van deze rekenmodule een kleine bijdrage.

Afspraken op papier

Als u gaat samenwonen, kan het zinvol zijn om afspraken op papier te zetten. Dat kan in een samenlevingscontract. Hierin kunt u onder andere afspreken hoe u de kosten verdeelt. Voor meer informatie kunt u de Notaristelefoon bellen: 0900-346 93 93 (elke werkdag tot 14.00 uur).

Op jezelf wonen

Er verandert veel als je zelfstandig gaat wonen, vooral op financieel gebied. Jongeren die bij hun ouders wonen, hebben uiteraard ook uitgaven. Aan kleding, uitgaan, sporten of een andere hobby. Misschien hebben ze een auto of volgen zij een opleiding. Sommige jongeren betalen kostgeld aan hun ouders.

Gaan jongeren op zichzelf wonen, dan komen er uitgaven bij: de huur en de boodschappen, de afvalstoffenheffing en de rekening voor gas en elektra. Ook moeten zij hun betalingen voortaan zelf regelen. Wanneer betaal je wat? En hoe betaal je alles op tijd? En als je samenwoont, hoe verdeel je de kosten dan?

Om te kijken wat de doorsnee uitgaven van een huishouden zijn, kun je het Persoonlijk Budgetadvies

Wil je weten hoeveel de inrichting van een woning kost, dan kun je het computerspel Kost 't spelen. doen.

 

bottom

Made by B&B